Dit is een column die ik schreef voor de Zwanehals, het zes keer per jaar verschijnende ledenblad van mijn studenten roeivereniging Njord.
Het conservatisme regeert weer in Den Haag en aangezien stilstand achteruitgang is, gaan we nog vier armzalige jaren tegemoet. Als het kabinet het zo lang uithoudt tenminste. Mijn vertrouwen in het onlangs aangetreden kabinet Rutte I is nihil, maar dat zal de meesten van u, gezien mijn politieke achtergrond, niet verbazen. Toch zou ik willen dat het anders was. Rutte I wordt namelijk ook wel het Leids kabinet genoemd, met dank aan het feit dat maarliefst vijf bewindslieden uit de nieuwe regering in Leiden hebben gestudeerd. Zes als we de Koningin meerekenen. Twee van hen roeiden bij Njord. En dan was de kersverse minister van Buitenlandse Zaken ook nog werkzaam als hoogleraar in Leiden, voordat hij zijn ambt innam. Kortom, het nieuwe kabinet heeft de eer van ons allen hoog te houden.
Dat stilstand geen goede zaak is, weten wij roeiers als geen ander. Met stilstaan trek je geen blikken. Niet voor niets trainen alle wedstrijdploegen zich nu al maanden het apelazerus. Zij weten dat als ze nu niet genoeg stappen zetten, ze straks in het seizoen conditie, kracht en techniek tekort komen om ook maar iets te kunnen betekenen in het wedstrijdveld. Als ze nu zouden stilstaan is het straks op de bosbaan ook alsof ze stilstaan en dat wil natuurlijk niemand. Gelukkig blijkt vooralsnog uit niets dat dit noodlot voor de huidige wedstrijdploegen is weggelegd. Ik zie dan ook uit naar de NKIR, waarop zij aan heel roeiend Nederland kunnen laten zien dat ze niet hebben stilgestaan. Als Rutte het niet doet, moeten we zelf maar de eer van Leiden verdedigen. En die van god Njord natuurlijk.
Buiten het roeien om staat de K.S.R.V. gelukkig ook allerminst stil. Er is onlangs een nieuw bestuur aangetreden met frisse ideeën. Net als bij Rutte I staan de leden van het bestuur Wabeke (I) voor de uitdaging flink te moeten bezuinigen en net als bij Rutte I presenteerden zij daarvoor harde maatregelen die misschien niet bij iedereen even populair zijn. Maar tot mijn persoonlijke tevredenheid blijkt dat, in tegenstelling tot Rutte I, bezuinigen voor Wabeke I geen doel op zich is. De bewindslieden van de K.S.R.V. beseffen maar al te goed dat er ook moet worden hervormd. En dus geen tijdelijke ongeoorloofde verhoging van contributies, maar een permanente verhoging van de bierprijs, die door de jaren heen toch al onevenredig laag was gebleven. En zo hoort het.
Hopende dat onze oud Njordleden in de regering meelezen, wil ik graag afsluiten met de volgende tip: vervang in de bovenstaande alinea het woord ‘contributies’ door het woord ‘belastingen’ en ‘bierprijs’ door ‘AOW-leeftijd’ en denk dan nog eens goed na over wat er hierboven allemaal staat geschreven. Verder wens ik zowel Rutte I als Wabeke I als alle roeiers van de K.S.R.V. veel succes toe bij het hooghouden van de eer van Leiden in (roeiend) Nederland en daarbuiten.
vrijdag 26 november 2010
woensdag 3 november 2010
Uit de fractie (6): Fractiedag
Op de website van D66 Leiden schrijf ik met enige regelmaat een update vanuit de fractie. Dit is het zesde deel in deze serie.
Afgelopen vrijdag stond er voor de D66 fractie een ‘fractiedag’ op het programma. Wanneer je in een keer van twee naar tien zetels groeit, is het van belang dat er zo nu en dan eens goed wordt gediscussieerd over het onderwerp ‘samenwerken’. We hebben op dit moment een diverse fractie met veel kennis en ervaring op tal van terreinen, maar hoe zorg je ervoor dat al deze krachten optimaal kunnen worden benut? Dat was de hoofdvraag waar in de loop van de fractiedag een antwoord op gevonden moest worden.
Onderwerpen als communicatie, vertrouwen, verantwoordelijkheid en loyaliteit passeerden allen de revue. De algehele opvatting over de dag was uiteindelijk dat we er sterker uitkwamen dan we erin gingen, maar dat een vervolgbijeenkomst zeker ook wenselijk is. Er is tenslotte altijd ruimte voor verbetering. De eindconclusie van deze eerste versie van de fractiedag: er mag meer tijd worden geïnvesteerd in het elkaar beter leren kennen.
De sfeer binnen de fractie was uitstekend en zoals altijd kon alles worden gezegd zonder dat de gemoederen daarbij al te hoog opliepen. Dat is van het begin af aan een van de sterke punten van deze groep geweest. Hoe erg de meningen op sommige onderwerpen ook uiteen lopen en hoe hard de discussie ook wordt gevoerd, uiteindelijk staan we allemaal dermate professioneel in onze functie dat de knop net zo makkelijk weer kan worden omgezet als iemands ongelijk is aangetoond of een meerderheid van de fractie simpelweg een andere mening is toegedaan.
En zo hoort het ook te gaan in de politiek. Weten wat je aan elkaar hebt en erop kunnen vertrouwen dat je handelt vanuit een en hetzelfde belang is daarvoor natuurlijk wel essentieel. We hebben dan ook afgesproken te blijven investeren in het verbeteren van onze onderlinge samenwerking. Alleen dan kunnen we van deze raadsperiode, als grootste partij, een succes maken. Niet alleen voor onszelf, maar voor iedereen die onze stad een warm hart toedraagt.
Afgelopen vrijdag stond er voor de D66 fractie een ‘fractiedag’ op het programma. Wanneer je in een keer van twee naar tien zetels groeit, is het van belang dat er zo nu en dan eens goed wordt gediscussieerd over het onderwerp ‘samenwerken’. We hebben op dit moment een diverse fractie met veel kennis en ervaring op tal van terreinen, maar hoe zorg je ervoor dat al deze krachten optimaal kunnen worden benut? Dat was de hoofdvraag waar in de loop van de fractiedag een antwoord op gevonden moest worden.
Onderwerpen als communicatie, vertrouwen, verantwoordelijkheid en loyaliteit passeerden allen de revue. De algehele opvatting over de dag was uiteindelijk dat we er sterker uitkwamen dan we erin gingen, maar dat een vervolgbijeenkomst zeker ook wenselijk is. Er is tenslotte altijd ruimte voor verbetering. De eindconclusie van deze eerste versie van de fractiedag: er mag meer tijd worden geïnvesteerd in het elkaar beter leren kennen.
De sfeer binnen de fractie was uitstekend en zoals altijd kon alles worden gezegd zonder dat de gemoederen daarbij al te hoog opliepen. Dat is van het begin af aan een van de sterke punten van deze groep geweest. Hoe erg de meningen op sommige onderwerpen ook uiteen lopen en hoe hard de discussie ook wordt gevoerd, uiteindelijk staan we allemaal dermate professioneel in onze functie dat de knop net zo makkelijk weer kan worden omgezet als iemands ongelijk is aangetoond of een meerderheid van de fractie simpelweg een andere mening is toegedaan.
En zo hoort het ook te gaan in de politiek. Weten wat je aan elkaar hebt en erop kunnen vertrouwen dat je handelt vanuit een en hetzelfde belang is daarvoor natuurlijk wel essentieel. We hebben dan ook afgesproken te blijven investeren in het verbeteren van onze onderlinge samenwerking. Alleen dan kunnen we van deze raadsperiode, als grootste partij, een succes maken. Niet alleen voor onszelf, maar voor iedereen die onze stad een warm hart toedraagt.
Abonneren op:
Posts (Atom)